78

Op 20 mei werd tijdens de WorkPlace Xperience de BNW Index 2026 gepresenteerd. Alweer het derde rapport over de Benchmark van de Nederlandse Werkomgeving. Deze jaarlijkse graadmeter – een coproductie van YNNO en Smart WorkPlace – laat zien hoe snel en betekenisvol de wereld waarin we leven en werken verandert.
Tekst: Wim Kooyman
Maatschappelijke ontwikkelingen zijn voelbaar in organisaties, in werk en in de manier waarop naar de werkomgeving wordt gekeken. Ontwikkelingen die variëren van geopolitieke herpositionering en economische druk tot een veranderende arbeidsmarkt, en van digitale transformatie tot de urgentie rondom verduurzaming.
Hyperactieve samenleving
In dit rapport spreken Nick Lettink (YNNO) en Sandra Mathijssen (TNO) van een hyperactieve samenleving. Die wordt opgejaagd door prikkels, prestatiedruk en permanente bereikbaarheid. De conclusie dat dit alles de mentale gezondheid parten speelt ligt dan voor het oprapen. In een door witregels omgeven tekst staan snoeiharde cijfers: werkgevers verwachten dat de mentale belasting toeneemt tot 33 procent en de complexiteit van het werk naar 44 procent stijgt. Daarbij voelt 31 procent van de werknemers zich uitgeput door werk en slechts 36 procent scoort positief op veerkracht. Onderzoek, zo wordt aangegeven, laat zien dat duurzame inzetbaarheid vooral afhangt van autonomie en een gezonde werk-privébalans.
Verbinding
Duidelijk is dat het welzijn van de werknemer van groot belang is bij de veeleisender samenleving. Organisaties kunnen daarbij helpen door flexibele werkvormen (hybride werken, kortere werkweken) en autonomie te faciliteren. Een belangrijke factor daarbij is dat mensen elkaar in tijden van spanning en onzekerheid willen vinden. Evenwel is de balans van thuiswerken en werken op kantoor nog niet gevonden. Het wil organisaties maar niet lukken de verbinding tussen de medewerkers te optimaliseren.
Een signaal uit de markt is dat uit onderzoek van werkgeversvereniging AWVN blijkt dat inmiddels 78 procent van de werkgevers hun medewerkers verplicht een aantal dagen per week naar kantoor te komen. Lettink en Mathijssen stellen daaropvolgend de onvermijdelijke vraag: “Zijn dit de eerste signalen van een terugkeer naar oude structuren, of juist de geboorte van nieuwe?” Een belangrijke rol bij de aanpak van dit probleem lijkt te liggen bij de Workplace Manager. Begrippen van verbinder, ondersteuner en coach lijken de rode draad te worden bij de skills van de toekomstige leidinggevende.
Kuifje
Interessant in deze context is het interview dat Nick Lettink recent had met Juriaan van Meel. In een heerlijk leesbaar interview vertelt Van Meel over zijn fascinatie voor vorm en orde. Hoe hij ooit geïnspireerd werd door stripheld Kuifje – de reizende reporter altijd op zoek naar nieuwe avonturen – en hoe hoogleraar Hans de Jonge hem introduceerde in het onderzoek naar werkplekken.
Enkele quotes uit dit interview mogen bij het ontwikkelen van een visie op de toekomst van de werkomgeving niet ontbreken. Zo stelt Van Meel: “We moeten uitzoomen. Niet alleen denken over bureaus, maar over werk als betekenisvolle activiteit”. De werkomgeving ziet Van Meel als een strategische plek die gebaseerd is op cultuur, data en begrip van wat er leeft.
De spiegel die Van Meel ons voorhoudt is heel duidelijk: “We evalueren te weinig, leren te weinig, en kopiëren te snel elkaars ideeën. Tijd dus om eerlijker en kritischer te kijken.” Blijf onderzoeken, experimenteer en verbeter, zo adviseert Van Meel. “Het goede plan is geen eindpunt. Nieuwsgierigheid heeft mij altijd gedreven. Van Kuifje tot AI.” Het kernwoord om de vraagstukken rondom het welzijn van de medewerker aan te pakken luidt daarom ‘nieuwsgierigheid’. Misschien moet de toekomstige manager wel een Kuifje zijn – altijd nieuwsgierig.
Nieuwsgierig naar die toekomst? Download de BNW Index 2026.




















