Herman Hertzberger

De vermaarde Nederlandse architect Herman Hertzberger ontwierp in 1972 het kantoorgebouw van Centraal Beheer: een fysieke omgeving die mensen vrijheid gaf zelf hun werkplek en hun sociale contacten vorm te geven. Ruim vijftig jaar later onderzoekt de BNW Index hoe diezelfde behoefte aan autonomie, ontmoeting, verbinding en flexibiliteit zich gedraagt in een hybride, deels digitale wereld.
Tekst: Wim Kooyman
Foto: Willem Diepraam
Het gedachtegoed van Hertzberger en de BNW Index kent een verrassende parallel. Bij Centraal Beheer was het uitgangspunt nadrukkelijk de relatie tussen mensen, en niet het individuele bureau. Hertzberger maakte 56 bouwblokken van 9 × 9 meter, verbonden door bruggen, vides en routes. Werkplekken waren voor groepen van ongeveer 3 tot 12 mensen en ontmoeting werd letterlijk onderdeel van de architectuur. In de BNW Index 2026 noemt 78 procent van de organisaties ontmoeting als belangrijkste reden om naar kantoor te komen; samenwerking, brainstormen, vergaderen en informeel contact zijn daarbij belangrijke functies. En daar zit een heel interessante parallel. Hertzberger maakte ontmoeting fysiek mogelijk. De BNW Index constateert dat ontmoeting nog steeds de reden is om fysiek samen te komen.
Kernvraag
Centraal Beheer was geen traditioneel open kantoor. Hertzberger maakte juist een veelheid aan soorten plekken: werkplekken, ontmoetingsplekken, routes, vides, informele plekken en plekken voor overleg. Dat is opmerkelijk dicht bij wat wij tegenwoordig Activity Based Working noemen. Het verschil is evenwel dat Hertzberger niet begon met de vraag ‘Hoeveel werkplekken hebben we nodig?’, maar met de vraag ‘Hoe willen mensen met elkaar werken en leven?’ De architectuur werd vervolgens een middel om dat gedrag te ondersteunen. De indeling van Centraal Beheer werd bijvoorbeeld bepaald door communicatiepatronen en mogelijkheden voor ontmoeting; het ontwerp was gericht op het verminderen van hiërarchie en het versterken van sociaal verkeer. Dat sluit aan bij de BNW Index waar wordt benadrukt dat gedrag belangrijker is dan alleen faciliteiten en dat succesvol hybride werken vraagt om bewustwording en gedragsverandering.
Vrijheid
Belangrijk is om de visie van Hertzberger nader te bekijken. In de kern geeft Hertzberger vrijheid binnen een fysieke structuur. De werknemers konden hun plek eigen maken, maar het gebouw bepaalde tegelijkertijd dat zij zich in een netwerk van andere mensen bevonden. Bij hybride werken is die fysieke structuur veel minder vanzelfsprekend geworden.
De BNW Index constateert daarom een probleem dat Hertzberger in 1972 eigenlijk al architectonisch probeerde op te lossen: hoe verbind je individuele vrijheid met het collectieve belang? In 2024 signaleerde de BNW Index bijvoorbeeld dat autonomie steeds belangrijker wordt, maar dat autonomie kan doorslaan in individualisme en daarmee het wij-gevoel kan verzwakken. En in 2026 wordt dat nog scherper geformuleerd: we hebben vrijheid toegevoegd, maar de kaders nauwelijks aangescherpt. Daardoor zijn dinsdag en donderdag overvol en andere dagen veel leger. Dat is misschien wel de belangrijkste les van Hertzberger: vrijheid werkt pas goed wanneer er een sterke structuur is die ontmoeting en collectiviteit organiseert.
Next step
Hertzberger ontwierp geen kantoor waar iedereen permanent moest zijn. Hij ontwierp een omgeving die waarde kreeg doordat mensen elkaar konden tegenkomen. Zijn architectuur draait niet primair om aanwezigheid, maar om kwaliteit van aanwezigheid. Dat is precies de volgende stap die de BNW Index nu lijkt te maken.
Was er in 2024 en 2025 de vraag vooral ‘Hoe gaan we om met hybride werken?’, in 2026 verschuift die vraag naar ‘Waarom komen we nog naar kantoor en wat moet daar gebeuren?’ De BNW Index 2026 noemt hybride werken inmiddels volwassen, maar constateert tegelijkertijd dat organisaties nog zoeken naar de juiste balans tussen vrijheid en afspraken. Hertzberger zou daar waarschijnlijk zeggen: maak niet eerst regel over aanwezigheid, ontwerp eerst een omgeving die mensen daadwerkelijk iets te bieden heeft.
Verbinding
De parallel tussen de visie van Hertzberger en de BNW Index lijkt wel gelegd. Maar is er ook sprake van een verbinding in een ultiem opzicht? Feitelijk was het kantoor van Centraal Beheer niet alleen een kantoor, maar misschien zelfs een kleine gemeenschap. Het gebouw van Centraal Beheer als ‘community building’. De architectuur mondde uit in een ruimtelijk systeem: van werken, ontmoeten tot bewegen en van toevallige ontmoeting tot sociale verbinding en organisatiecultuur. Dat verklaart ook waarom Hertzbergers ontwerp nog steeds zo relevant is. Zijn bureau zegt tegenwoordig zelf dat zijn gebouwen geen vaststaande objecten waren, maar structuren die gebruikers zich eigen konden maken en op verschillende manieren konden gebruiken.
En daar ligt volgens mij de brug naar de BNW Index. Hertzberger ontwierp in 1972 een kantoor waarin mensen vrijheid kregen binnen een sterke sociale structuur. De BNW Index laat vijftig jaar later zien dat hybride werken precies dezelfde balans opnieuw op de agenda zet: vrijheid voor het individu, verbondenheid voor het collectief.



















