‘Per aspera ad astra’

‘Per aspera ad astra’

Sterren zijn een beeld van hoop, dat we ondanks of juist door onze moeilijkheden verder zullen komen. Hoe dat zit, legt Bert van Renselaar van Smart WorkPlace partner CFP Green Buildings uit in onderstaande blog.

Blauwe lucht, opvallend veel. Een aantal weken na het uitbreken van de Corona-crisis begon het me op te vallen hoeveel blauwe lucht ik sindsdien zag. Vanaf mijn thuiswerkplek zag ik als ik uit het raam keek iedere dag weer een strakblauwe lucht. Of er een verband bestaat tussen afnemende vervuiling en deze blauwe lucht weet ik niet maar de symboliek vind ik mooi. Dat er ondanks de crisis ook weer ruimte en perspectief ontstaat.

Nog mooier vind ik het om ’s avonds naar buiten te gaan en naar de sterren te kijken. Die zijn de afgelopen maanden ongewoon vaak goed zichtbaar. Door de eeuwen heen hebben de sterren ons geïnspireerd om verder te gaan. Het zijn de sterren waarop al duizenden jaren op zee wordt genavigeerd. Het zijn de sterren die de wijzen uit het oosten naar de pasgeboren Jezus wezen. Het zijn de sterren die ons inspireren om nieuwe werelden te verkennen in de ruimte. ‘To infinity and beyond!’, zoals Buzz Lightyear in de film Toy Story als droom aan kleine jongens meegeeft. En iets klassieker: ‘Per aspera ad astra’, letterlijk vertaald: via moeilijkheden naar de sterren. Die moeilijkheden, die hebben we nu overduidelijk. Maar het verbeterde zicht op de sterren geeft ook perspectief en hoop.

Als er iets is wat mij hoop geeft tijdens deze crisis is het te zien hoe snel we met elkaar in staat zijn om de nodige maatregelen te nemen. Onze leiders voorop. Dat ze eerlijk zijn over dat ze niet alle antwoorden hebben maar toch aan de slag gaan. Dat we nu met 50% van de kennis 100% van de besluiten moeten nemen. Over die besluiten kan en moet gediscussieerd worden, dat is volgens mij de kern van de democratie. Maar dat er een ongekende crisis voor ons staat die we samen moeten aanpakken dat is duidelijk en er worden dan ook wereldwijd ongekend grote maatregelpakketten ingevoerd.

Dat biedt hoop voor de volgende crises die op ons af gaan komen. De grootste van allemaal is zonder twijfel de verandering van ons klimaat. Sinds Al Gore ons zo’n 15 jaar geleden de hockeystick grafiek liet zien waarin de stijging van CO2-uitstoot duidelijk werd gerelateerd aan onze verbranding van fossiele brandstoffen weten we dat al. Dit is nog steeds zo, maar we hebben sindsdien wel kostbare tijd verloren. Zeker zijn er positieve veranderingen te melden maar de algemene trend is nog steeds dat we veel te weinig doen. En zo blijkt nu, dat is niet omdat we het niet kunnen. De Corona-crisis laat zien dat we prima in staat zijn om een crisis aan te pakken.

Wat we nu nodig hebben zijn leiders die klimaatverandering als onze belangrijkste vijand bestempelen en er alles aan gaan doen om die strijd te winnen. Maar daarmee zijn we er niet. We hebben ook een parlement nodig dat debatteert. Niet over de vraag of klimaatverandering wel bestaat, dat station zijn we gepasseerd. Ook niet over de vraag of een energietransitie niet te duur is want niets doen is op termijn vele malen duurder. De discussies moeten gaan over welke schouders welke lasten moeten dragen. Over hoe de overheid gaat stimuleren om duurzame keuzes te maken. En om dat parlement te kiezen zullen we met elkaar de realiteit onder ogen moeten zien: klimaatverandering is de grootste uitdaging die wij tijdens ons leven meemaken.

Als die gedachte je overweldigt daag ik je uit om vanavond als het donker is naar buiten te lopen en omhoog te kijken. Daar zie je de sterren. Een beeld van hoop, dat we ondanks of juist door onze moeilijkheden verder zullen komen.

Delen: Twitter LinkedIn Facebook

permalink

Naar het overzicht

Lees verder

Terug naar boven