Een kantoor verbouwen, de vier fasen

1 min

 

Een kantoor verbouwen, de vier fasen

Organisaties onderschatten vaak wat er komt kijken bij het verbouwen van een bestaand kantoor. Dat stellen Willem Adriaanssen en Mark van der Vliet van Smart WorkPlace partner HEVO. Ze pleiten voor een gestructureerde aanpak.

Veel opdrachtgevers starten te laat met het denken over hun nieuwe huisvesting, aldus Willem Adriaanssen, partner bij HEVO. "De oorzaak daarvan is dat ze onderschatten wat er bij komt kijken. Bovendien willen ze niet in een te vroeg stadium onrust vanwege bestaande gevoeligheden in een organisatie. En ze vinden soms de kosten voor het doen van onderzoek naar wat er leeft te hoog." De complexiteit van een bestaand kantoor verbouwen is hoog. "Zelf noem ik renoveren en verbouwen niet voor niets regelmatig ‘nieuwbouw voor gevorderden’." Hij legt uit: "Bij een verbouwing krijg je, zeker bij een ouder gebouw, altijd te maken met historie: decennia aan ontwikkelingen die vaak onvoorspelbaar zijn."

Rode draad

Mark van der Vliet is senior projectmanager bij HEVO en de laatste jaren vooral betrokken bij verbouwingen van kantoorgebouwen. Hij beaamt de woorden van Adriaanssen. Van der Vliet was recent betrokken bij de verbouwing van de Malietoren in Den Haag, waarin zowel VNO-NCW als MKB Nederland zijn gehuisvest. HEVO verzorgde deze verbouwing risicodragend. "Ik merk in de praktijk dat er vaak vrij weinig bekend is van een bestaand gebouw en dat er meestal geen complete set actuele (technische) tekeningen is. Zo blijkt in bijna ieder gebouw dat het, op onderdelen, niet meer voldoet aan de hedendaagse brandveiligheidseisen, bijvoorbeeld vanwege installatie-aanpassingen door derden. Een rode draad is onder andere dat gebouwen vaak in gebruik blijven door derden of gebruikers van de eigen organisatie, wat allerlei tijdelijke situaties geeft en een bouwplaats nabij werkende kantoormedewerkers. Ik zie het als mijn taak als projectmanager bij een verbouwing om het zo te organiseren dat de overlast geminimaliseerd en acceptabel is."

Vier fasen

Om de verbouwing van een kantoor zo gestroomlijnd mogelijk te laten verlopen, is het volgens Adriaanssen nodig om vier fasen te onderscheiden. ‘In deze vier fasen ga je van strategische naar de organisatorische implementatie. Als eerste: wat is je visie en behoefte? Ten tweede: het vinden en contracteren van een geschikte locatie. Als derde: het ontwerpen en realiseren van de nieuwe werkomgeving, inclusief alle facilitaire aspecten. En als laatste de implementatiefase. Vaak wordt namelijk gedacht dat bij de sleuteloverdracht het werk is afgesloten. Integendeel: het eigenlijke werk begint dan pas.’

Fase 1: van visie en behoefte naar veranderopgave

Adriaanssen benadrukt dat een verbouwing per definitie een veranderopgave is. "Soms is de veranderopgave vanuit de organisatie de aanleiding. De verbouwing is dan de afgeleide van de veranderde visie. Maar soms is het ook omgekeerd: een huurcontract loopt af en een organisatie gebruikt het natuurlijke moment om zowel het kantoor als de organisatie te verbouwen." Van der Vliet vult aan: "De grootste vraagstukken hebben daarbij niet eens te maken met de huisvesting zelf, maar meer met de veranderende organisatie. Dat zie je nu bij het hybride werken, waar organisaties voor de vraag staan hoe ze ervoor zorgen dat medewerkers toch binding houden met het bedrijf.’ En hij benoemt een trend die hij steeds meer bij organisaties ziet: ‘Organisaties nemen als uitgangspunt dat een medewerker een aantal dagen per week thuiswerkt en richten op basis daarvan hun werkomgeving op kantoor in.’ Van der Vliet ziet in deze eerste fase - los van oplossingen voor de werkomgeving - ook een duidelijke taak voor HEVO richting opdrachtgever: ‘We moeten de uitdagingen van het hybride werken - flexibiliteit maar ook bijvoorbeeld het behouden van een bepaalde organisatiecultuur en het faciliteren van ontmoeten en samenwerken - bij het inrichten van de nieuwe werkomgeving adresseren. Ze voegen namelijk een extra dimensie toe aan de visie en behoefte van de opdrachtgever en de gebruikers."

In die eerste fase is het belangrijk dat HEVO haar adviezen baseert op informatie die afkomstig is van de organisatie en de gebruikers, in plaats van op meningen, aldus Van der Vliet. "De uitkomsten van onderzoeken en enquêtes spreken bestuurders en gremia zoals de ondernemingsraad aan. Vervolgens kunnen we de inzichten in de behoeften van de gebruikers combineren met de toekomstvisie van de organisatie en met wat wij als HEVO zien als trends in de markt zodat we echt maatwerk kunnen leveren."

HEVO heeft nog een duidelijk advies bij deze eerste fase. Adriaanssen: "Betrek de eindgebruikers erbij. Nu denken organisaties te vaak dat een klein groepje mensen kan bedenken wat een hele grote en diverse groep mensen nodig heeft. Wij doen daarom steeds meer onderzoek waarbij alle medewerkers intensief bevraagd worden naar hun behoeften en werkpatronen. Op deze manier kunnen we komen met datagedreven huisvestingsadviezen en een goede onderbouwing van de door ons voorgestelde oplossingen in een strategisch huisvestingsplan en/of Programma van Eisen met werkconcept."

Fase 2: vinden en contracteren van een locatie

Adriaanssen gaat vervolgens in op de tweede fase. "Wanneer de visie en behoefte zijn vastgesteld, moet eerst de keuze gemaakt worden tussen het blijven op de huidige locatie en verbouwen óf verhuizen naar een nieuwe locatie. Je ziet dat in deze fase de belangen vaak groot zijn: een deadline van een huurperiode loopt af of soms moet een huurder uit een pand. Zo’n keus heeft bovendien grote invloed op je organisatie, bijvoorbeeld als je kijkt naar aspecten als bereikbaarheid. Is er vervolgens gekozen voor op de huidige locatie blijven, dan moeten nieuwe huurafspraken gemaakt worden inclusief de kaders om te gaan verbouwen." Adriaanssen benoemt ook een valkuil voor deze fase: "Onder tijdsdruk denken organisaties soms onvoldoende na over de benodigde voorzieningen, waardoor ze uiteindelijk niet uitkomen bij het optimale huurcontract. De afspraken bij een verhuurder-huurder-constructie over een algemene ruimte en aanvullende diensten zoals de mogelijkheid tot gebruik van catering en gedeelde vergaderfaciliteiten zijn daarvan een voorbeeld. Ook moeten in het contract duidelijke afspraken staan over het kwaliteitsniveau van de op te leveren ruimten en de gebouwprestaties zoals duurzaamheid." Van der Vliet vult aan: "Er is maar één moment waarop je als hurende organisatie je huisvesting goed kunt organiseren en dat is in de onderhandelingsperiode met je verhuurder. In die fase is de verhuurder namelijk nog bereid om mee te denken." Van der Vliet koppelt hier de eerste en tweede fase aan elkaar: "Als je in de eerste fase goed hebt gedefinieerd wat je behoefte is, kun je dit in de tweede fase goed vertalen in het contract. Het vinden van een nieuwe locatie vraagt nog veel meer. Daarom werkt HEVO daarvoor samen met gespecialiseerde makelaars."

Fase 3: ontwerpen en realiseren van de nieuwe werkomgeving

In deze derde fase wordt het eisenpakket omgezet in een concreet ontwerp van de nieuwe werkomgeving. Daarbij moet er goed worden gekeken in hoeverre het ontwerp van de nieuwe werkomgeving de geformuleerde doelstellingen vertaalt naar concrete uitgangspunten, zoals bijvoorbeeld het verbeteren van de samenwerking en ontmoeting van gebruikers en externen of de interne mobiliteit en gezonde werkomstandigheden. Adriaanssen: "In deze fase wordt meestal nog een verfijning aangebracht op het Programma van Eisen, zowel ruimtelijk, functioneel als technisch, afgestemd op de gekozen locatie. Tevens wordt er een interieurarchitect geselecteerd en - even belangrijk - een akoestisch adviseur en een installatieadviseur. Op basis van het ontwerp moet een gedegen en complete kostenraming gemaakt worden, zowel van de bouw- en inrichtingskosten als van alle facilitaire aspecten, zodat een organisatie het hele plaatje in beeld heeft."

Het verbouwen van bestaande kantoren vraagt specifieke aandacht, aldus Adriaanssen: "Zeker in gebouwen die in gebruik zijn gaat het vaak mis bij het onderzoeken van de bestaande situatie, omdat niet alles te onderzoeken is zonder verstoring van de gebruikers. Hoe zit het met de brandveiligheid en met de installaties? Maar ook: wat is de akoestische kwaliteit? En, wanneer een organisatie circulaire ambities heeft: wat is de kwaliteit van bijvoorbeeld wanden en plafonds en past die kwaliteit bij de ambities? Een organisatie moet zich hierbij in feite de vraag stellen: vind ik het acceptabel om belangrijke informatie niet te hebben totdat de bouwfase start, of ga ik vooraf zaken inventariseren om risico’s te beperken?" Een ander belangrijk aandachtspunt in deze fase is de demarcatie tussen huurder en verhuurder. Van der Vliet: "Vaak wordt bij oudere gebouwen het verbouwingsmoment aangegrepen om ook vervangingsonderhoud uit te voeren. Hierdoor kunnen onduidelijkheden ontstaan in de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheden. Soms word je tijdens de verbouwing ook geconfronteerd met achterstallig onderhoud, waarbij de vraag is wie die kosten voor zijn rekening neemt."

In deze derde fase is het net als in de eerste fase belangrijk om de medewerkers erbij te betrekken, aldus Adriaanssen: "Zorg daarom voor feedback en leg hen ook de ontwerpen voor." Ook Van der Vliet benoemt vervolgens een valkuil: "Hoewel we als HEVO veel kunnen ondervangen en organisaties kunnen ontzorgen tijdens een verbouwing is er altijd een belasting, met name voor de facilitaire organisatie en voor ICT. Daarom adviseer ik de directie altijd om bij die afdelingen mensen vrij te maken, want een verbouwing gaat hen veel tijd kosten en voor die afdelingen gaat ook het gewone werk door."

Ook de selectie van een geschikte aannemer en installateur kost de nodige tijd, waarbij het zeker in de huidige markt niet gemakkelijk is om tijdig de benodigde mensen, maar zeker ook materialen op het werk te hebben. Na het tekenen van het uitvoeringscontract zullen de (onder)aannemers en leveranciers echt nog een behoorlijke periode nodig hebben om de werkzaamheden op de bouwplaats voor te bereiden. Als hier in de planning geen rekening mee wordt gehouden, dan is dit de volgende tegenvaller.

Fase 4: implementatiefase

Adriaanssen legt uit waarom de laatste fase zo belangrijk is: "Door de nieuwe werkomgeving te gaan gebruiken wil je de nieuwe doelstellingen voor je organisatie - zoals verbeterde communicatie en samenwerking en meer kennisoverdracht - gaan realiseren." Van der Vliet vult aan: "De verwachting is vaak: als wij faciliteiten gemaakt hebben komt de nieuwe manier van werken vanzelf wel. Dat klopt niet. Je moet er juist dan bewust mee bezig zijn en de organisatie leren om met de nieuwe werkomgeving te werken zodat er een succes van gemaakt kan worden. De projectorganisatie wordt vaak na oplevering ontmanteld en de lijnorganisatie moet het dan weer overnemen. En dat is een kritisch moment als de medewerkers niet meegenomen worden in het ermee werken in de praktijk." Adriaanssen vult aan: "In deze fase is het als organisatie belangrijk om goede detailafspraken inclusief instructies te maken met de medewerkers over het gebruik van het veranderde kantoor. Als HEVO stellen we hiervoor een ‘werkwijzer’ op met afspraken en instructies, waar je later gemakkelijk naar kunt verwijzen. In zo’n werkwijzer staan bijvoorbeeld afspraken over het reserveren van werkplekken en werkafspraken binnen teams wanneer teamleden wel en niet op kantoor zijn. De bereidheid van werknemers om mee te gaan naar een andere manier van werken is de belangrijkste voorwaarde voor een succesvolle implementatie. Door te zorgen voor actieve betrokkenheid ontstaat een breed draagvlak en bewustzijn over de kansen en mogelijkheden die een andere werkwijze biedt. Gedrag verander je niet van het ene op het andere moment; de ervaring leert dat dit enige maanden in beslag neemt."

Het brengt Van der Vliet bij een belangrijk advies richting opdrachtgevers: "Een veranderde werkomgeving na een verbouwing is in feite als een nieuwe machine. Je moet als organisatie en medewerker gaan leren hoe zo’n nieuwe machine het best werkt."

Delen:

Meer nieuws

Het gebouw is niet langer het startpunt, het is het gevolg

Het gebouw is niet langer het startpunt, het is het gevolg

woensdag 27 mei

Veel huisvestingsprojecten beginnen nog steeds bij dezelfde vraag: hoeveel werkplekken hebben we nodig? Dat lijkt logisch, ...

Lees meer

Vacature - Consultant Facilitair & Huisvesting | FMXXL

Vacature - Consultant Facilitair & Huisvesting | FMXXL

woensdag 27 mei

Ben jij toe aan een volgende stap in jouw vak? Krijg jij energie van verhuizingen, huisvestingsprojecten, bezettingsmetingen ...

Lees meer

Kantoor betaalt voor lege bureaus

Kantoor betaalt voor lege bureaus

woensdag 27 mei

Medewerkers komen gemiddeld twee à drie dagen per week naar kantoor en de rest werken ze vaak thuis. Het gevolg hiervan ...

Lees meer

Whitepaper: Veranderkundige aanpak in de veranderende werkomgeving

Whitepaper: Veranderkundige aanpak in de veranderende werkomgeving

dinsdag 26 mei

Na corona zijn veel organisaties anders gaan werken. Zij investeren in hybride werken en het vernieuwen van kantooromgevingen. ...

Lees meer

Nieuwe partner bij Smart WorkPlace: UWV

Nieuwe partner bij Smart WorkPlace: UWV

dinsdag 26 mei

Het UWV heeft zich aangesloten als nieuwe partner. Een publieke dienstverlener die mensen helpt op weg naar werk. Lukt dat, ...

Lees meer

Rinse & Go wint Vebego WorkPlace Innovation Award 2026

Rinse & Go wint Vebego WorkPlace Innovation Award 2026

donderdag 21 mei

Tijdens de feestelijke uitreiking op de WorkPlace Xperience 2026 is Rinse & Go uitgeroepen tot winnaar van de Vebego ...

Lees meer

Dag twee van de WorkPlace Xperience is van start! 

Dag twee van de WorkPlace Xperience is van start! 

donderdag 21 mei

Na een succesvolle dag gisteren, is vandaag de tweede dag begonnen van de WorkPlace Xperience. Een dag vol met inspirerende ...

Lees meer

Winnaars ISS Awards bekendgemaakt tijdens WPX 2026

Winnaars ISS Awards bekendgemaakt tijdens WPX 2026

woensdag 20 mei

Willem van Ansem en Amabel Chiarito winnen respectievelijk de ISS WorkPlace Manager of the Year Award 2026 en de ISS WorkPlace ...

Lees meer

Nu te downloaden: BNW Index 2026

Nu te downloaden: BNW Index 2026

woensdag 20 mei

De lancering van de BNW Index 2026 is een feit. Kersverse inzichten over veranderingen in de werkomgeving zijn vanaf nu ...

Lees meer

De WorkPlace Xperience 2026 is begonnen! 

De WorkPlace Xperience 2026 is begonnen! 

woensdag 20 mei

Vandaag is de WorkPlace Xperience van start gegaan! Twee dagen vol met inspiratie, nieuwe ideeën en in gesprek gaan ...

Lees meer

Regisseur van de facilitaire keten

Regisseur van de facilitaire keten

dinsdag 19 mei

Met een nieuwe merkstructuur wordt meer focus aangebracht in de positionering van deze organisatie. In dit artikel laten ...

Lees meer

Last call: WorkPlace Xperience 2026

Last call: WorkPlace Xperience 2026

dinsdag 19 mei

Deze week is het zover, op 20 & 21 mei vindt de WorkPlace Xperience plaats in de Jaarbeurs Utrecht. Twee volle dagen ...

Lees meer

Wat verandert er in de facilitaire processen door AI? 

Wat verandert er in de facilitaire processen door AI? 

dinsdag 19 mei

Veel facilitaire processen zijn gebouwd op voorspelbaarheid. AI maakt die voorspelbaarheid dynamisch. Dat klinkt als vooruitgang. ...

Lees meer

Vacature - (Project)manager Facilitair & Huisvesting | FMXXL

Vacature - (Project)manager Facilitair & Huisvesting | FMXXL

maandag 18 mei

Complexe facilitaire- en huisvestingsvraagstukken vragen meer dan een goed advies. Ze vragen om senioriteit, regie en iemand ...

Lees meer

Nieuwe methodiek voor gelukmakend gebouw

Nieuwe methodiek voor gelukmakend gebouw

vrijdag 15 mei

Heijmans presenteert tijdens de Workplace Xperience op 20 mei in de Jaarbeurs Utrecht de G3- methode: een wetenschappelijk ...

Lees meer

Whitepaper: Bubbels doorprikken voor een beter kantoor

Whitepaper: Bubbels doorprikken voor een beter kantoor

woensdag 13 mei

Een nieuwe whitepaper staat online: Bubbels doorprikken voor een beter kantoor. De whitepaper van Parella laat zien dat ...

Lees meer

De rol van de facility manager verandert sneller dan je denkt

De rol van de facility manager verandert sneller dan je denkt

woensdag 13 mei

De rol van de facility manager verandert niet omdat het moet. De rol verandert omdat het werk eronder verandert. In de vorige ...

Lees meer

Nieuwe partner: MSD Animal Health

Nieuwe partner: MSD Animal Health

woensdag 13 mei

MSD Animal Health sluit zich aan als nieuwe partner bij Smart WorkPlace. Op de locatie in Boxmeer wordt door het bedrijf ...

Lees meer

Blog: Wat werkomgevingen kunnen leren van musea

Blog: Wat werkomgevingen kunnen leren van musea

woensdag 13 mei

Elselien Winters, eigenaar Limoonworks, neemt je mee in haar blog over waarom werkomgevingen kunnen leren van musea over ...

Lees meer

'In een onrustige wereld is de werkomgeving belangrijker dan ooit'

'In een onrustige wereld is de werkomgeving belangrijker dan ...

dinsdag 12 mei

Volgende week vindt op 20 en 21 mei de WorkPlace Xperience plaats, in de Jaarbeurs Utrecht. Facilicom Solutions neemt ook ...

Lees meer

Terug naar boven